Geschiedenis van de Vrijmetselaars in Emmen

De Vrijmetselaars in Zuidoost Drenthe maakten in het begin van de jaren vijftig deel uit van de Loge “Het Noorderlicht” in Veendam. De leden fietsten door weer en wind naar Veendam om daar de bijeenkomsten in de loge bij te wonen.

In 1953 kwam een aantal leden bijeen om te praten over de oprichting van een maçonnieke kring Emmen/Ter Apel. Deze kwam er ook. Besloten werd om eens per maand, de ene keer in Emmen, de andere keer in Ter Apel, bij elkaar te komen. Het hoofdbestuur vond echter dat Emmen een eigen loge moest hebben. Deze werd op 8 december 1956 geïnstalleerd. De loge kreeg als naam; ’t Schienvat. Een schienvat is een lantaarn die, met een olielampje of een kaars, vroeger stond tussen de keuken en de stal en gebruikt werd om licht in de duistere stal te geven.

 

In de eerste jaren was er nog geen eigen huisvesting. De ledenlijst van 1958 geeft aan dat de Loge ’t Schienvat eerst gevestigd was in het Wijkcentrum D’ Zeihuuv. Later kwam men bijeen in o.a. hotel ’t Heerenhof (tegenwoordig de RABO-bank aan de Wilhelminastraat in Emmen) en in hotel Grimme, destijds tegenover het NS station. De Vrijmetselaars in Emmen bleven echter proberen een eigen onderkomen te vinden. Die wens ging in vervulling. Eén van de Emmer leden schonk een stuk grond en op 11 december 1969 werd opdracht gegeven aan aannemer De Bruin voor het bouwen van een eigen gebouw voor Loge ’t Schienvat. Het eigen onderkomen werd gebouwd aan  de Klepel 1 in Emmen, naast de voormalige brandweerkazerne . De officiële opening van het logegebouw was op 28 november 1970 en werd verricht door Roelof Zegering Hadders. Het logegebouw werd ingewijd op 12 december 1970.

 

Sinds 2000 is Emmen een tweede loge rijker, namelijk Loge de Korenaar. Zij komen ook bijeen in logegebouw 't Schienvat.